Wolzwever

Ik ging vroeg in de ochtend de honden uitlaten in hun speelruimte helemaal achter in de tuin, toen ik hem zag zitten. Het is een Wolzwever op een wilgje… nog diep in slaap. Het zonnetje was net op en het was nog te vroeg en te koud om te vliegen. Dus hij bleef daar nog wel even zitten zo lang er niet iets was dat hem verstoorde. Ik heb mijn fototoestel binnen gepakt en een paar foto’s gemaakt.

 photo IMG_3068w_zpskxwmpx5w.jpg

De volgende dag was ik aan het stoeien met de mijn fototoestel en de Vergeet-mij-nietjes in de tuin en ineens zoemde er wat. Ik dacht dat het een zweefvlieg was, want die zoemen in het zonnetje wel meer om je hoofd. Maar nee… het was een Wolzwever en ze ging uitgebreid van de Vergeet-mij-nietjes snoepen… ze vliegt van de ene bloem naar de ander.

 photo IMG_3121w_zpsvxxxbpqf.jpg

Wat een pracht gezicht met die lange snuit en wat heeft ze een mooie warme kleur. De manier van vliegen en het geluid doet ze mij een beetje denken aan de Kolibrievlinder, maar daar is het nog veel te vroeg voor, die komt veel later in het jaar. Ik heb best veel foto’s van deze prachtige Wolzwever geprobeerd te maken wat echt niet mee viel, want ze zit voor geen seconden stil.

 photo IMG_3172w_zps6fgscu20.jpg

De Gewone wolzwever (Bombylius major) is een vlieg van het geslacht Bombylius uit de familie Wolzwevers. De soort komt in Nederland en België algemeen voor op zandige en zonnige taluds langs bosranden en in tuinen. Vergeleken met hommels is ook de kleur anders, meestal bruin, en de gewone wolzwever heeft geen zwarte, witte of gele kleuren, laat staan patronen. Ook zijn de dunne poten maar juist ook de grote ovale ogen typisch vlieg-achtig. De vleugels staan altijd zijwaarts terwijl veel hommels en bijen deze op de rug vouwen in rust. De lange tong van de gewone wolzwever is ongeveer een derde van de lichaamslengte en dient om dieper in de bloem te komen waar de nectar zit. Bron: Wikipedia

 photo IMG_3186w_zpsosjebxgq.jpg

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve geniet-groetjes van Anna

 

Goudoogje

Het Goudoogje (Chrysoperla carnea) is zeer teer gebouwd. Haar vleugeltjes hebben een licht groen adernet en de hoofdaderen zijn in gaasvliegen gereduceerd. De facetogen lijken op speldenknopjes met alle kleuren van de regenboog en dit is vooral met een loep goed te zien. Vandaar haar naam ‘Goudoogje’.

 photo 1. Groen gaasvliegje - Goudoogje_zpsantonsxz.jpg

Gaasvliegen voeden zich vooral met stuifmeel, nectar en honingdauw (zoete afscheiding van blad- en schildluizen), maar ook met de bladluizen zelf. Zij zijn meestal nachtactief en houden zich overdag stil aan de onderzijde van takjes en blaadjes. In de herfst verkleurt het goudoogje, die als volwassen dier overwintert van groen naar bruin en zoekt een overwinteringsplaats in gaatjes, onder boomschors en in gebouwen. (Bron: Soortenbank.nl)

 photo 2. Groene gaasvlieg - Goudoogje_zps7cbuxq1n.jpg

Iedereen weer bedankt voor alle fijne reacties bij mijn vorige blog !!
Lieve groetjes Anna

 

Slakkendoder

Deze Slakkendoder (Limnia unguicornis) is een vliegensoort uit de familie van de slakkendoders (Sciomyzidae). De vlieg kan 4,5 – 7,5 mm lang worden en heeft donker gevlekte vleugels. Over de torax loopt een geel-bruine lijn die aan weerszijden geflankeerd wordt door een blauwgrijze lijn. De antennes zijn opvallend hoornachtig naar voor uitgerekt en zijn voorzien van een witte spriet.

 photo IMG_2304w_zpshiv5zapz.jpg

De soort komt vrij algemeen voor van Europa tot Centraal-Azie en is te vinden in de buurt van vochtige weiden en bosranden. De larven ontwikkelen zich in slakken, die hierbij door deze larven worden opgegeten. Verder is weinig bekend over de biologie van deze dieren. Wereldwijd omvat deze Slakkendoders zo’n 60 genera en 600 soorten, waarvan er 58 hier in Nederland voorkomen.
Bron: Wikipedia

 photo IMG_2318ww_zpsiqvjrbgl.jpg

 

Bedankt voor alle fijne reacties bij mijn vorige blog !!
Lieve weekend-groetjes Anna 😀

 

 

Snavelvlieg

Een mannetjes Snavelvlieg die aan het jagen is en het blijkt niet mee te vallen, want hij kwam iedere keer weer terug met een lege bek. Dan bleef hij een poosje op de boomstam zitten wachten en dan ging hij weer…

De Snavelvlieg of Gewone snipvlieg (Rhagio scolopaceus) is een 8 tot 16 millimeter grote vlieg. Ze komt vooral voor in het bos en aan de bosranden. Ze zitten vaak op boomstammen met gespreide poten en met het borststuk omhoog. Meestal wijst de kop daarbij naar beneden. Ze voeden zich met kleine insecten en waarschijnlijk ook met honingdauw en plantensap.

De snavelvlieg legt haar eieren in de regel afzonderlijk van elkaar op de grond, in mest of dood hout. De langwerpige maden hebben een onvolledig kopkapsel en mondhaken, die gevormd worden uit de mandibels en maxilla. Op het lichaam zitten smalle kruiprolletjes. De larven leven op en in de bodem tussen mos, dode bladeren, in mest en onder de schors van bomen. Ze voeden zich met kleine insecten. De larven van de snavelvlieg eten graag regenwormen. Ze voeden zich waarschijnlijk ook met rottende plantendelen en vlees van dode dieren. De larven overwinteren meestal in de grond.
Bron: Wikipedia

Klik op een foto dan kan je haar in het groot bekijken.

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties bij mijn vorige blog !!
Lieve weekend-groetjes Anna 😀

 

Strontvlieg of Drekvlieg

Dit jaar zie ik veel meer Strontvliegen (Scathophaga stercoraria) in de tuin, dan andere jaren. Ze zitten overal, in de struiken, op het siergrassen en in de varens. Ze zitten daar een beetje te wachten of een beetje te poetsen en vliegen dan weer weg. De Strontvlieg leeft niet van mest, ook al denkt men dat vaak van wel, maar ze leven van nectar en af en toe wordt er ook een ander insect gegrepen, meestal andere vliegen. Deze worden dan met hun zuigsnuit leeggezogen. In de buurt van mestvlaaien komen ze hun mannetje tegen, daar paren ze en het vrouwtje legt dan haar eitjes af in de mest. Opmerkelijk is dat de eitjes eruit zien als kleine vliegjes, omdat ze vleugelachtige uitsteeksels hebben. Deze dienen echter niet om de eitjes te laten vliegen, maar om ervoor te zorgen dat ze niet in de verse mest wegzakken en verstikken. Ook de larve leeft niet van mest, maar van andere insectenlarven die wel van mest leven, vooral vliegenlarven.

Klik op een foto dan kan je haar in het groot bekijken.

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties bij mijn vorige blog !!
Lieve groetjes Anna

Insecten

Insecten (Insecta) zijn een klasse van de geleedpotigen (Arthropoda). Met bijna een miljoen beschreven soorten is het verreweg de grootste groep van dieren. Geschat wordt dat er vele honderdduizenden tot enkele miljoenen soorten nog niet zijn ontdekt. De naam ‘insecten’ slaat op een hoofdkenmerk van de hele groep, namelijk het in drieën gedeelde lichaam. Een obsolete Nederlandse naam is dan ook ‘kerfdieren’.
Insecten leven op het land en in zoet water, slechts enkele soorten leven in zee, maar hier nemen de kreeftachtigen de plaats van de insecten vrijwel volledig in. Sommige insecten spelen een directe rol in het leven van de mens, zoals bij het overbrengen van ziekten als vector, het verzamelen van honing, of door het opeten van de oogst, maar ook door de bestuiving van voedingsgewassen. De wetenschap die zich met de bestudering van insecten bezighoudt is de entomologie.
Insecten zijn eenvoudig van andere geleedpotigen te onderscheiden door de vrij specifieke lichaamskenmerken. Er zijn zowel nuttige insecten die op grote schaal worden gekweekt als schadelijke soorten die als plaag worden beschouwd. Een aantal soorten insecten wordt gegeten of gebruikt voor de voedselbereiding. Insecten kunnen met elkaar communiceren met geurstoffen of door een bepaald gedrag te vertonen. De voortplanting en ontwikkeling kent door het enorme soortenaantal een zeer breed scala aan uiteenlopende variaties, net als de verschillende methoden van camouflage of verdediging.
Insecten zijn er in alle vormen en maten, rond of langwerpig, kruipend of vliegend, en van goed gecamoufleerd tot felgekleurd. Er zijn ongeveer 5000 libellensoorten, 20 000 sprinkhanensoorten, 170 000 vlindersoorten, 82 000 wantssoorten, 120 000 vliegensoorten en 110 000 bijen- en wespensoorten. De kevers zijn de grootste groep met minstens 350 000 soorten. Met name van de vliegen, de vliesvleugeligen en de vlinders zouden de werkelijke soortenaantallen nog wel eens enorm veel hoger kunnen liggen.
Bron: Wikipedia

KLIK op een foto dan kan je haar in het groot bekijken.

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties bij mijn vorige blog !!
Lieve groetjes Anna