Insecten

Insecten (Insecta) zijn een klasse van de geleedpotigen (Arthropoda). Met bijna een miljoen beschreven soorten is het verreweg de grootste groep van dieren. Geschat wordt dat er vele honderdduizenden tot enkele miljoenen soorten nog niet zijn ontdekt. De naam ‘insecten’ slaat op een hoofdkenmerk van de hele groep, namelijk het in drieën gedeelde lichaam. Een obsolete Nederlandse naam is dan ook ‘kerfdieren’.
Insecten leven op het land en in zoet water, slechts enkele soorten leven in zee, maar hier nemen de kreeftachtigen de plaats van de insecten vrijwel volledig in. Sommige insecten spelen een directe rol in het leven van de mens, zoals bij het overbrengen van ziekten als vector, het verzamelen van honing, of door het opeten van de oogst, maar ook door de bestuiving van voedingsgewassen. De wetenschap die zich met de bestudering van insecten bezighoudt is de entomologie.
Insecten zijn eenvoudig van andere geleedpotigen te onderscheiden door de vrij specifieke lichaamskenmerken. Er zijn zowel nuttige insecten die op grote schaal worden gekweekt als schadelijke soorten die als plaag worden beschouwd. Een aantal soorten insecten wordt gegeten of gebruikt voor de voedselbereiding. Insecten kunnen met elkaar communiceren met geurstoffen of door een bepaald gedrag te vertonen. De voortplanting en ontwikkeling kent door het enorme soortenaantal een zeer breed scala aan uiteenlopende variaties, net als de verschillende methoden van camouflage of verdediging.
Insecten zijn er in alle vormen en maten, rond of langwerpig, kruipend of vliegend, en van goed gecamoufleerd tot felgekleurd. Er zijn ongeveer 5000 libellensoorten, 20 000 sprinkhanensoorten, 170 000 vlindersoorten, 82 000 wantssoorten, 120 000 vliegensoorten en 110 000 bijen- en wespensoorten. De kevers zijn de grootste groep met minstens 350 000 soorten. Met name van de vliegen, de vliesvleugeligen en de vlinders zouden de werkelijke soortenaantallen nog wel eens enorm veel hoger kunnen liggen.
Bron: Wikipedia

KLIK op een foto dan kan je haar in het groot bekijken.

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties bij mijn vorige blog !!
Lieve groetjes Anna

 

Dromedarisluis

Op de jong twijgen van de wilgjes in onze tuin, zitten verschillende 4 tot 6 mm grote bruinzwarte luizen, de Dromedarisluis (Tuberolachnus salignus). Deze luis komt alleen op wilgen (salix spec.) voor. Ze leven in dichte kolonies die van juni tot diep in de herfst actief zijn. De dromedarisluis is aan zijn naam gekomen door de opvallende bult op zijn achterlijf. Door het zuigen ontstaat verkleuring en brosheid van de twijgen. De kolonies produceren grote hoeveelheden honingdauw. Deze vloeistof is voor de luizen een afval omdat er een te veel aan suikers zit in de plant. Voor mieren is dit een geschenk. De mieren zijn dan ook zeer voorzichtig met hun luizen. Bij andere luizensoorten spelen mieren zelfs de rol van herders en beschermers. Niet alleen mieren maar ook wespen en bijen komen er op af en daardoor kan er soms plaatselijk een overlast ontstaan.

IMG_5977b

IMG_5978b

IMG_5983b

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties bij mijn vorige blog !!
Lieve groetjes Anna