Muntvlindertje

Geborgen vlinder

Muntvlindertje - Pyrausta aurata

Geborgenheid
Veiligheid
Wensen van de ziel
Geborgen als in een cocon
vol warmte en stilte
Verdwijnen zal de kilte

Muntvlindertje - Pyrausta aurata

Compleetheid vervuld
de wens van de gedachte
Totaal verbonden
met de wereld om ons heen
Heelt de diepe wonden
Die zijn achtergebleven,
in het hart verweven

Parende Muntvlindertje - Pyrausta aurata

Als wordend een vlinder
Geboren uit liefde
Vanuit geborgen ontwikkeling
de vrijheid tegemoet
Pracht van ongekende moed
Om de veilige haven
achter zich te laten
Trots en met opgeheven hoofd,
zoals de ziel vanaf het begin
het allemaal heeft beloofd

Gedicht: ByKyra

 

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve groetjes van Anna 🤗

 

Advertenties

Grijze spinnendoder

Opeens viel er naast mij op een lege stoel, onder onze Berk een spin zonder poten, ik wist gelijk waar het omging en zocht naar de wesp die hier verantwoordelijk was. Ze moest hier in de buurt zijn en ja hoor… ik zag haar en ik pakte mijn fototoestel. Eerst maar een foto van de spin maken en dan maar afwachten… het zullen allemaal niet van die scherpe foto’s worden want de wesp, een Spinnendoder genaamd zit niet stil en is bijna altijd in beweging en trilt ook nog heelveel. Daar kwam ze aan… het werd een heel gevecht voordat ze de spin weer goed vast had, want nu moet ze het nog helemaal gaan verslepen naar haar nestje. Na een tijdje sleept ze het helemaal tot aan de andere kant van de zetel en klom toen met de spin in haar bek (ongelooflijk) naar boven en kwam op de leuning uit… wat nu dacht ik… toen ineens nam ze een sprong in het diepe en kwam ergens op de grond terecht… ik kon haar jammergenoeg niet meer vinden. Ze zijn ook nog zo vlug en gelukkig weet zij wel waar haar nestje, die ze van tevoren gemaakt heeft, is.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Deze Grijze spinnendoder (Pompilus cinereus) heeft een langwerpig lichaam, is zwartgrijs van kleur en de kop, het borststuk en het achterlijf zijn zeer goed te onderscheiden. De poten zijn enigszins sprieterig en hebben duidelijke sporen, de wesp is een zeer snelle vlieger maar loopt ook onrustig over de bodem op zoek naar spinnen. Aan het achterlijf is een smalle, lichtere bandering aanwezig. De voelsprieten zijn ongeveer de helft van de lichaamslengte en het lijf wordt ongeveer 15 millimeter lang, mannetjes zijn vaak de helft kleiner. De grijze spinnendoder komt voor in open, zanderige gebieden zoals verstuivingen, kale delen in heidegebieden en duinen, waar de holletjes voor de larve gegraven worden. Omdat in Nederland niet veel van deze gebieden te vinden zijn, is de wesp niet algemeen, maar plaatselijk kan hij massaal voorkomen, vooral bij warm weer.

De Grijze spinnendoder dankt zijn naam aan de opmerkelijke prooi; deze wesp vangt namelijk spinnen. Alleen de vrouwtjes echter, want de spin wordt niet opgegeten maar begraven als voedsel voor de larve. De spinnen worden gepakt aan één van zijn/haar poten en word direct aan de buikzijde gestoken, vaak tussen de heupen. Het gif bereikt dan het centrale zenuwstelsel van de spin zodat hij/zij direct wordt verlamd. Als de spin verlamd is, bijt ze vaak enkele tot alle poten er vanaf. Soms wordt ook wel een spin opgegeten of wat bloed opgelikt om aan voldoende voedingsstoffen te komen voor de ontwikkeling van de eitjes. Voordat een spin gevangen wordt, wordt er eerst een holletje gegraven met aan het eind een nestkamer, waar de spin in gesleept wordt. In de spin wordt dan een eitje gelegd waaruit de made-achtige larve tevoorschijn komt en de verlamde spin levend en van binnenuit opeet. Nadat de larve is verpopt, vindt verpopping plaats, maar de pop komt pas de volgende lente uit waarna een nieuwe wesp verschijnt.
Bron: div. Internet

 

 

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve geniet groetjes Anna 🤗

Snavelvliegen of Snipvliegen

De snavelvliegen of snipvliegen (Rhagionidae) zijn een familie van insecten uit de orde vliegen en muggen of tweevleugeligen (Diptera). Wereldwijd komen er 500 soorten voor en ik heb er daarvan 3 in onze tuin gespot, maar er zullen waarschijnlijk best nog wel meer soortjes zijn… De vliegen hebben een slank lijf met lange poten. Opvallend is de krachtige zuigsnuit waarmee in het voedsel geprikt wordt.

De snavelvliegen komen vooral voor in het bos en aan de bosranden. Ze zitten vaak op boomstammen met gespreide poten en met het borststuk omhoog. Meestal wijst de kop daarbij naar beneden, zoals bij Rhagio scolopaceus. Ze voeden zich met kleine insecten en waarschijnlijk ook met honingdauw en plantensap. De soorten van het geslacht Symphoromyia zuigen bloed bij gewervelde dieren en mensen. De vrouwtjes van enkele soorten voeden zich uitsluitend met nectar.

De snavelvliegen leggen hun eieren in de regel afzonderlijk van elkaar op de grond, in mest of dood hout. De langwerpige maden hebben een onvolledig kopkapsel en mondhaken, die gevormd worden uit de mandibelen en maxilla. Op het lichaam zitten smalle kruiprolletjes. De larven leven op en in de bodem tussen mos, dode bladeren, in mest en onder de schors van bomen. Ze voeden zich met kleine insecten. De larven van Rhagio scolopaceus eten graag regenwormen. Ze voeden zich waarschijnlijk ook met rottende plantendelen en vlees van dode dieren. De larven overwinteren meestal in de grond.
Bron:Wikipedia

 

_MG_5412w gewone snipvlieg - Rhagio scolopaceus

Gewone snipvlieg – Rhagio scolopaceus

_MG_6136w Chrysopilus asiliformis

Parende Geelpoot-schubsnipvlieg – Chrysopilus asiliformis

_MG_4660w Chrysopilus cristatus

Gewone schubsnipvlieg – Chrysopilus cristatus

 

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve groetjes Anna 🤗

 

Grote Klokjesbij

_MG_5686w

De Grote Klokjesbij (Chelostoma rapunculi) behoort tot de familie Megachilidae. Het is een oligolectische soort, zoals alle klokjesbijen. De naam verwijst naar de plant, waar ze hoofdzakelijk stuifmeel verzamelt, namelijk bloemen van de klokjesfamilie (Campanula).

_MG_5626w

Het is een typische klokjesbij van ongeveer 10 mm met een smalle lichaamsbouw. Het is één van de klokjesbijen, waarbij de vrouwtjes smalle witte haarbandjes op het achterlijf bezitten, buiten de haarbandjes zijn de vrouwtjes slechts zwak behaard. De buikschuier is geel-wit. De kaken zijn goed ontwikkeld, vrij kort en bezitten drie tanden. De clypeus is sterk gebogen. De mannetjes zijn vrij sterk geel-bruin behaard, zowel kop, borststuk als achterlijf. Ze bezitten drie afgeknotte tanden op het einde van het achterlijf.

_MG_5657w

Klokjesbijen nestelen over het algemeen in hout of rietstengels, maar aangeboden nestblokken worden ook geaccepteerd. Behalve de Ranonkelbij zijn de andere drie klokjesbijen gespecialiseerd op de planten uit de klokjesfamilie (campanulacea). Klokjes komen in de vrije natuur nog maar spaarzaam voor, maar maken vaak deel uit van borders in tuinen. Klokjesbijen doen het dan ook goed in tuinen en parken. Voldoende nestmogelijkheid is tegenwoordig vaak het grotere probleem. Tuinliefhebbers zouden ook nestmogelijkheden voor deze insectenfamilie moeten aanbieden.

_MG_5996w

Eén generatie overwintert als prepop in een cocon. Bouwt een lineair nest in dood hout en holle stengels. Maakt ook gebruik van nestblokken. Nesten bestaan uit 1-6 achter elkaar aangelegde broedcellen in holten met een doorsnede van 3-5 mm. De tussenwanden en de sluitprop van het nest lijken sterk op die van Chelostoma florisomne. Oligolectisch, gespecialiseerd op klokjes. In Nederland vooral gemeld van grasklokje. Daarnaast op circa 15 andere plantensoorten waargenomen die wellicht als nectarbronnen dienen.

_MG_5647w

Bijen zijn koudbloedige wezens, wat betekent dat hun lichaamstemperatuur afhankelijk is van die van de omgeving. Door gebruik te maken van lange beharing of vleugeltrillingen kan de inwendige temperatuur wat op peil gehouden worden. Maar niet elke bij is even harig en vleugeltrillingen vreten energie. Een isolerende schuilplek is dan ook meer dan welkom.

_MG_5754w

Zo kunnen mannetjes vaak rustend aangetroffen worden in holtes. Aggregaties zijn hierbij niet vreemd, ook bij soorten die overdag een territoriaal gedrag vertonen. ’s Nachts worden de vijandigheden echter aan de kant geschoven en slapen de mannetjes broederlijk naast elkaar.

_MG_5720w

Deze Gewone tandkaak (Enoplognatha ovata) spin had een lekker hapje te pakken… dit is wel een nadeel van slapen in een klokjesbloem…

_MG_5901w

 

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve geniet groetjes van Anna 🤗

 

 

Vuurjuffer ♀

_MG_3917w

De vuurjuffer is een grote juffer, lengte tot 36 mm. Het abdomen van beide geslachten van de vuurjuffer (imago) is opvallende rood, maar bij de mannetjes hebben enkel de laatste segmenten donkere banden, bij de vrouwjes zijn alle segmenten zwart getekend Het borststuk is donker met een rode of (bij de vrouwtjes) donkergele schouderstreep. De poten zijn zwart.

_MG_3931w

De larve van de vuurjuffer is te herkennen aan de X-vormige donkere vlek op de staartlamellen. In tegenstelling tot de meeste waterjuffers, zijn die staartlamellen echter niet in twee delen verdeeld.

_MG_3949w

De eieren worden afgezet in stengels van drijvende waterplanten. De dieren vormen een paringswiel of paringsrad bij de paring en een tandem bij de eileg. Het vrouwtje boort met haar legboor gaatjes in de stengel, en plaatst vervolgens in ieder gaatje een eitje.

_MG_3953w

De vuurjuffer is een weinig eisende soort wat het voortplantingsbiotoop betreft. Ze is tevreden met stilstaand of licht stromend water, zoals beken, poelen, (tuin)vijvers, laagveengebieden, ze is ook niet veeleisend voor wat betreft de waterplanten waarop ze haar eieren legt. (Bron: Wikipedia)

_MG_3977w

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve groetjes Anna🤗

Bloemenpracht

Ik zaai een bloem die vrede geurt
en de wereld met liefde kleurt.
het wordt één bloemenpracht,
en op ’t zakje staat vrede’s macht!
~Jabbertje~

_MG_4087w

Ooievaarsbek – Geranium endressii ‘Wargrave Pink’

_MG_4367w

Waterdrieblad – Menyanthes trifoliata

_MG_5170w

Gele lis – Iris pseudacorus

_MG_4118w

Paardenbloempluis – Taraxacum officinale

_MG_5132w

Echte koekoeksbloem – Silene flos-cuculi

 

Bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve weekend groetjes Anna 🤗

 

 

Een poot ?

Ik had vorige week een probleempje… ik was aan het fotograferen in onze tuin en ik liep een rondje toen ik een wit veertje zag liggen op een plant. Ik dacht, o dat is z’n klein duivenveertje, die kom ik wel vaker in onze tuin tegen. Op de terug weg zag ik het weer liggen, maar ik zag geen middennerf in het veertje (spoel, schacht), dus ging ik het iets beter bekijken en zag dat het een soort van een uitsluipvelletje was, maar zeker weten doe ik het niet. Ik heb er natuurlijk verschillende foto’s van gemaakt zodat ik het op de pc goed en in het groot kan bekijken.

_MG_4433w

Ik was al een paar dagen aan het zoeken op het WorldWideWeb maar ik kan echt niets vinden wat er ook maar enigszins op leek. Het enigste wat ik gevonden heb is, een foto bij Pixabay van een Witte Flanel Mottenrupsband Rups. Dat haar lijkt er een beetje op (zelfde structuur)… dus misschien iets van een mot/nachtvlinder en ik denk dat die naam ook niet klopt, want ik kan er niets van terugvinden. Dus ben ik verder gaan zoeken onder micro motten en ook dat leverde niets op. Nu wist ik het echt niet meer. Ik ben toen naar Waarneming.nl gegaan in de hoop dat daar misschien iemand mij verder kon helpen. Daar heeft Reindert (Cranefly) mij een heel eind opweg geholpen. Voor zijn gevoel moet dit exemplaar toch bij de familie Eredae (Spinneruilen) worden gezocht. Hij gaf me nog een Duitse site waar je ook kon zoeken. Maar die groep is wel zo groot, dat het niet mee zal vallen. Na veel gezoek konden we er toch niet helemaal uitkomen.

_MG_4437w

Toen heb ik contact gezocht bij EIS kenniscentrum Insecten en daar mijn foto’s naar toegestuurd. Na een paar dagen kreeg ik al antwoord, dat het wel eens een poot kon zijn, die losgekomen was. Hij (John) dacht in het eerste instantie aan een Donsvlinder, maar die kan het niet zijn want die heeft witte poten, in plaats van zwart/wit. Nu had ik weer een nieuw beginnetje en ben ik verder gaan zoeken en kwam uiteindelijk bij de Satijnvlinder uit, die heeft zwart/witte poten en komt uit de familie Erebidae (Spinneruilen). Dus Reindert (Cranefly) van het Forum Waarneming.nl zat toch in de goede richting.

_MG_4445w

Na een lange zoektocht zijn we eruit, wat je ziet is een poot van een Satijnvlinder (Leucoma salicis) die op de een of ander manier is losgekomen en ik denk wel te weten hoe… want op die plek van onze tuin, daar jagen erg veel Oeverlibellen… dus dat kan dan wel kloppen. Ik vind daar wel meer onderdeeltjes van insecten.
Het was een zeer leerzame… leuke… spannende zoektocht en mijn dank is groot voor alle hulp die ik gekregen heb!

Iedereen weer heel erg bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve genietgroetjes Anna 🤗

Gewone schorpioenvlieg ♂

Gewone schorpioenvlieg - Panorpa communis

Het mannetje van de Gewone schorpioenvlieg (Panorpa communis) ziet er gevaarlijk uit met zijn omhoog gekrulde staart. Zeker met het verdikte uiteinde lijkt die op de staart van een schorpioen. Ook de puntige bek lijkt gemaakt om ermee te steken, maar ze zijn echter ongevaarlijk. De schorpioenvlieg voedt zich veelal met dode insecten en honingdauw van bladluizen. Voor de paring grijpt het mannetje zijn partner vast met de tangen aan het achterlijf. Vervolgens produceert hij een bruinig sekreet uit de speekselklieren op een blad, die als bruidsschat voor het vrouwtje bedoeld is. De eieren worden in een kuiltje in de bodem gelegd en de donkere larven zien er uit als rupsen. Zij leven in aardgangen en voeden zich met allerlei dode insecten, maar ook met plantaardige materiaal.

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve weekend groetjes Anna 😃

Gewone wesp – Vespula vulgaris

Net wakker

_MG_3833w

Winterslaap, deze cyclus kan variëren tussen begin september en eind april. Een wespenvolk sterft in de loop van de winter uit. Niet door de kou, maar door verhongering door gebrek aan eten. Alleen bevruchte koninginnen kunnen de winter doorkomen in een winterslaap. Koninginnen overwinteren op beschutte plaatsen. Slechts 1 op de 200 koninginnen komt de winter door. Zij hebben de perfecte plek voor de winterslaap uitgezocht.

_MG_3849w

Spinnen doden veel wespenkoninginnen omdat zij namelijk ook op deze plaatsen schuilen. Zachte winters zijn funest voor de koninginnen. Als de jonge koningin door de zachte winter vroeg in het voorjaar ontwaakt zal ze verhongeren omdat er nog geen bloeiende planten zijn. Ook kunnen ze in een zachte winter worden aangetast door schimmels. Daarom zijn strenge winters goed voor de wespenpopulatie, dit in tegenstelling tot wat algemeen wordt gedacht. Een koningin ontwaakt als de temperatuur in de schaduw boven de 10 graden celsius komt.

_MG_3870w

Bron: Wespenbeheer.nl

 

Dank iedereen voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve groetjes Anna 🤗