Dahlia ‘Bishop of Llandaff’

Dahlia 'Bishop of Llandaff

Ik ben rood en de pittigste van het hele stel. Bij mij krijg je het leven niet
met een sausje maar hot en spicy recht voor zijn raap. Zo doe ik dat graag en
met liefde, heel veel liefde. Want ook dat zit in mijn bloed net zoals passie,
vuur en vlam en warmte, heel veel warmte.

Tekst: Anne-Lies, Inspirerendleven.nl

 

 

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve ❤️ groetjes Anna

 

Rouwende gouden tor

Rouwende gouden tor - Oxythyrea funesta (Poda 1761)

Een zeldzame waarneming in mijn tuin. Ik was de Phloxen aan het opschonen toen ik deze bijzondere tor tegenkwam. Hij had zich verscholen tussen de witte bloemetjes. Ik moest wel even goed kijken wat het was. Mijn eerste gedachte was een dode vlieg, die gevangen was door een spin, de Gewone tandkaak. Die verstoppen zich graag tussen de bloemetjes en slaat dan toe. Maar nee… het was een soort bladsprietkever, deze had ik nog nooit gezien. Fototoestel gepakt en geprobeerd wat foto’s te maken. Hij zat best op een lastige plek zo tussen de bloemen en dan ook nog achter de bloem en ik wilde hem ook niet storen. Maar het is nog aardig gelukt. Na lang zoeken en eindelijk gevonden… het is een Rouwende gouden tor (Oxythyrea funesta (Poda 1761)).

Rouwende gouden tor - Oxythyrea funesta (Poda 1761)

Met de avond zag ik hem niet meer tussen de bloemen tot ik hem ineens zag zitten op een houtstronk verderop in de tuin. Daar kon ik een paar mooie foto’s van maken… maar ineens had hij genoeg van mijn fototoestel en vloog
de wijde wereld in.

Rouwende gouden tor - Oxythyrea funesta (Poda 1761)

Ik natuurlijk de volgende ochtend zo nieuwsgierig als ik was, in de Phloxen gekeken of hij er misschien weer zat en ja hoor… helemaal weggedoken diep tussen de bloemen. Ik kon nog net zijn koppie zien… oké nog een laatste foto, ik zie het wel of
dat wil lukken.

Rouwende gouden tor - Oxythyrea funesta (Poda 1761)

Nu nog wat informatie vanaf het web:
De Rouwende gouden tor was algemeen in de 19e eeuw maar werd zeldzaam en verdween in Vlaanderen in de eerste helft van de 20e eeuw (De Borre 1891a, b, Janssens 1960). In de 2e helft van de 20e eeuw bleef deze soort beperkt tot de kalkrijke gebieden in het zuiden van België. De laatste jaren bereid de soort terug uit en wist enkele plaatsen in Vlaanderen te koloniseren. De soort heeft zich opnieuw gevestigd in De Battelaer (Mechelen) en Rillaar (Aarschot) en wellicht ook op andere plaatsen (Thomaes et al. in prep.). Een deel van de recente waarnemingen zijn afkomstig van plantenwinkels en duiden mogelijks op import.

Ook in Nederland kent de soort een noordwaartse opmars met een tiental waarnemingen tijdens de laatste tien jaar, met voornamelijk waarnemingen in het zuidelijk deel van Nederlands Limburg (Heijerman & Corten 2010, waarneming.nl). In Wallonië was de soort beperkt tot kalkgraslanden en –moerassen in Gaume, Fagne-Famenne en Calestiene maar kent ook daar een recente uitbreiding (Thomaes et al. in prep.).
Bron: pureportal.inbo.be

 

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve ontdekking groetjes Anna 🤗

 

Kolibrievlinder

Van de week kreeg ik onverwachts bezoek in de tuin op onze Phloxen, die ook wel Vlambloem wordt genoemd.
Het is een Kolibrievlinder… hoe leuk is dat… 😁
Kijk voor meer informatie HIER.

KLIK op een foto dan kan je haar mooier en in het groot te bekijken.

 

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve tuingroetjes Anna 🤗

 

Hongerwespen – Gasteruptiidae

Mijn eerste ontmoeting met de Hongerwesp was in 2018. Hij zat toen in onze Astilbe ‘Fanal’, heb er toen nog een foto van kunnen maken KLIK. Daarna heb ik ze niet meer gezien tot aan dit jaar. Door gemorste vogelzaad komen er hier en daar wel eens allerlei soorten bloemen op zoals blauwe vlas, koolzaad en verschillende soorten grassen maar er zat ook zaad van een winterwortel in, die was uitgelopen en uitgegroeid als een mooie plant onder onze Berk. Nu kwam daar een hele mooie grote bloem in.

Bloem van een winterwortel

Paar weken geleden toen het zo warm was, wist ik niet wat ik zag… de schermbloem zat vol met Hongerwespen. Pracht gezicht als ze vliegen zijn het net engeltjes. Ik heb geprobeerd zoveel mogelijk foto’s ervan te maken… maar dat viel nog niet mee. Het licht was hard en ze waren echt heel druk in de weer met het verzamelen van stuifmeel en nectar.

KLIK op een foto dan kan je haar mooier en in het groot te bekijken.

De spin, een Gewone tandkaak doet zich er goed aan. Het zijn sluwe moordenaars die te vinden zijn in en onder de bloemen. voor de Gewone tandkaak zijn de schermbloemigen, net als voor de Hongerwespen hun lievelingsbloem en dan kan het niet uitblijven…

KLIK op een foto dan kan je haar mooier en in het groot te bekijken.

Het determineren van de Hongerwespen heb ik opgegeven, op een gegeven moment kwam ik er niet meer uit. Er zijn verschillende soorten en ze lijken echt allemaal op elkaar, maar met kleine verschillen, dus houd ik het gewoon op Hongerwespen.

KLIK op een foto dan kan je haar mooier en in het groot te bekijken.

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve tuingroetjes Anna 🤗

 

Sphex funerarius

Sphex funerarius is een vliesvleugelig insect uit de familie van de Langsteelgraafwespen (Sphecidae). De wetenschappelijke naam van de soort is voor het eerst geldig gepubliceerd in 1934 door Gussakovskij.

Sphex funerarius spec._MG_7660

Hier snoept ze van onze Astilbe ‘Fanal’.

Het is een slanke zwart met oranje wesp. Het achterlijf is vooraan zeer smal, het dikke achtereind is oranje met een zwarte achterkant. De kop is zwart met een wit gezicht, kop en rug zijn grijs behaard. Man heeft geheel zwarte poten en het vrouwtje heeft deels rode poten, zij is ook groter dan het mannetje. De vleugels zijn geelbruin en reiken tot aan het zwarte achterlijf.
Het vrouwtje vangt sprinkhaanlarven en sprinkhanen die ze eerst verdooft en dan begraaft samen met een eitje, zodat de larve uit het eitje komt dat hij/zij voedsel heeft. Als ze eenmaal volwassen zijn, eten ze graag nectar van bloemen.
Bron: nature-guide.info

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve groetjes Anna 🤗

 

Snoepende Grote klokjesbij

KLIK op een foto dan kan je haar mooier en in het groot te bekijken.

Zoo welkom als de bie

Zoo welkom als de bie,
die,
aan ’t ronken, wijl de last
wast,
terug met heuren buit
uit
de velden rijk beblomd
komt,
zoo welkom zijt ge mij,
gij,
wanneer ge mij verzet
met
hetgeen uw zwervend vlerk-
werk,
al vliegen achter ’t land,
vand:
mijn hoppelend herte klopt
op ‘t
aanhoren en ’t verstaan,
aan
het ruischen van zijn stem,
hem
wiens vlerken ik vaneen
scheên
en zenden op de locht
mocht.

Gedicht: Guido Gezelle

 
 

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve groetjes Anna 🤗

🐝

 

Bonte brandnetelmot

KLIK op een foto dan kan je haar mooier en in het groot te bekijken.

De Bonte brandnetelmot (Anania hortulata) is een dagactieve vlinder uit de familie grasmotten (Crambidae).

Met een spanwijdte van 24 tot 28 millimeter is de bonte brandnetelmot één van de grotere micro-nachtvlinders. De hoofdzakelijke witte vleugels zijn zwart gevlekt. Het borststuk is geel. Door de combinatie van de zwartwitte vleugels en een beetje geel wordt de bonte brandnetelmot wel eens verward met de bonte bessenvlinder. Dat is echter een veel grotere soort die ook gele tekening op de vleugels heeft. Uit de naam zou je kunnen afleiden dat de rupsen alleen op brandnetel leven, maar ze eten ook wel andere planten, zoals lipbloemigen. De rups leeft in bladeren die hij zelf oprolt. De brandnetelmot is moeilijk te fotograferen, omdat hij het liefst op donkere plekjes zit en omdat hij zich heel erg snel laat opjagen. Hij vliegt vooral in juni en juli, maar komt soms veel eerder voor. Waarschijnlijk zijn dat exemplaren die in kassen hebben geleefd. De soort vind je in bijna heel Nederland.

De term ‘netelmot’ kent een hele geschiedenis. Vroeger werd hij te pas en te onpas gebruikt om verschillende soorten micro-nachtvlinders aan te duiden, met alle verwarring van dien. Tegenwoordig spreken we over Parelmoermot (Pleuroptya ruralis), Brandnetelmotje (Anthophila fabriciana) en dus Bonte brandnetelmot (Anania hortulata), soms ook Bonte brandnetelroller genoemd.
Bron: Natuurpunt.be
 

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve geniet-groetjes Anna 🤗

 

Van Boomblauwtje naar Dwerg-kattenstaartsnuitkevers

Het is al een beetje schemerig wanneer ik mijn eerste Boomblauwtje (Celastrina argiolus) van dit jaar op onze Kattenstaart (Lythrum salicaria) ziet zitten. Gauw even een foto maken, het licht werkt niet mee… maar ach. Het verbaast me iedere keer weer hoe klein ze eigenlijk zijn. Sinds ik de Kattenstaart hier in de tuin hebt staan komt ze ieder jaar hier weer op bezoek. Ik hoop dat ze de volgende dag ook weer hier is, maar dan wat vroeger en met beter licht, zodat ik wat foto’s van haar kan maken.

Boomblauwtje

De volgende dag en ja hoor… daar is ze weer! Ze draait rondjes om de bloemaar heen en stop dan even en gaat weer verder. Ze is druk bezig met het afzetten van haar eitjes tussen de bloemknoppen van de Kattenstaart (Lythrum salicaria). Nu gauw proberen om wat foto’s te kunnen maken, want ze zit echt niet stil en ik moet heel voorzichtig en rust er naar toe lopen met mijn fototoestel voor mijn gezicht. Van iedere beweging schrik ze en dan vliegt weg, dus ik moet extra voorzichtig zijn. Maar het lukt aardig… je moet toch ook een beetje geluk hebben.

KLIK op een foto dan kan je haar mooier en in het groot te bekijken.

Toen ik later ging kijken of ik een eitje terug kon vinden zag ik heel wat anders op de bloemaar kruipen, het was echt heel klein en ik kon het bijna niet goed onderscheiden wat het nu was. Met mijn fototoestel kon ik zien dat het parende kevertjes waren. Na het downloaden van de foto’s zag ik dat het hele kleine snuitkevertjes waren… deze had ik nog nooit gezien. Op de foto kan je goed zien hoe klein ze zijn met een stukje vinger van mij op de achtergrond.

Dwerg-kattenstaartsnuitkevers

Na wat speurwerk op het net las ik dat het Dwerg-kattenstaartsnuitkevers (Nanophyes marmoratus) waren en ze zijn ongeveer 1,5 tot 2 mm groot. Ze leggen hun eitjes in de bloemknoppen van de Kattenstaart (Lythrum salicaria), waar de larve zich ontwikkelt. Die voedt zich met het vruchtbeginsel en de overige bloemdelen en verpopt zich dan. Geïnfecteerde knoppen vallen vaak af, zonder dat dit de ontwikkeling van de larve belemmert. De ontwikkeling van ei naar snuitkever duurt zo ongeveer een maand. In augustus verschijnt er een nieuwe generatie. Deze overwintert tussen het bladafval en begin de cyclus opnieuw. Bron: Tuin-Thijs.com en Plantparasieten van Europa.

KLIK op een foto dan kan je haar mooier en in het groot te bekijken.

 

Iedereen bedankt voor alle fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve tuingroetjes Anna 🤗

 

Penseelkever slapend in de Phlox

Slapende Penseelkever

 

Staande slapen

Ik wil wel blijven staan
in zulk een licht,
maar ik wil ook slapen gaan
met héél mijn gezicht,
met al mijn armen en benen,
met al mijn vingers en tenen.
Ik wil weer een tijd uit de levenspijn
en verdoofd van de zon doorschenen zijn
als de bloemen en staande slapen.

Gedicht: Pierre Kemp (1886-1967)

 

Slapende Penseelkever

Iedereen bedankt voor de fijne reacties en likes bij mijn vorige blog !!
Lieve tuingroetjes Anna 🤗